Duurzaam op vakantie

Ecotoerisme is dé manier om niet alleen hip maar ook verantwoord op vakantie te gaan. Lekker relaxen in een zonnig oord, sapje erbij, en tegelijkertijd goed doen voor de natuur en de lokale bevolking. Beter kan eigenlijk niet. Maar hoe zit ecotoerisme nu precies in elkaar? En wat levert het op? Een gesprek met René van der Duim, buitengewoon hoogleraar en gespecialiseerd in het verband tussen toerisme en duurzame ontwikkeling.

© Stefano Unterthiner / Wild Wonders of Europe

Ecotoerisme in soorten en maten

Om maar gelijk met de deur in huis te vallen: wat is ecotoerisme precies? ‘Dat lijkt een simpele vraag’, begint René van der Duim, ‘maar schijn bedriegt. Er zijn verschillende vormen van ecotoerisme. Sommige projecten worden geleid door de overheid en andere juist door private partijen. Het ene project richt zich op het behoud van bepaalde diersoorten, het andere op behoud van tropisch regenwoud. Soms speelt de lokale bevolking een integrale rol in het project, terwijl het bij andere projecten slechts een vergoeding krijgt voor overlast. En daarnaast zijn er natuurlijk altijd bedrijfjes die met zo’n term aan de haal gaan voor hun eigen gewin.’

Een algemene definitie van ecotoerisme werd opgesteld door The International Ecotourism Society, een belangrijke organisatie binnen ecotoerisme. Volgens die definitie is ecotoerisme ‘responsible travel to natural areas that conserves the environment and improves the well-being of local people’. ‘Als ecotoerist ben je dus op duurzame en verantwoorde manier op reis, terwijl je ook direct of indirect helpt met natuurbescherming en het ondersteunen van de lokale bevolking’, zo vat Van der Duim het geheel samen.

Dat is niet altijd zo geweest. Oorspronkelijk richtte ecotoerisme zich puur op het behoud van de natuur, en speelde de lokale bevolking helemaal geen rol. Maar dat is inmiddels wel veranderd. ‘En dat is een goede ontwikkeling,’ aldus René van der Duim. ‘Ecotoerisme was ooit niets anders dan natuurgericht toerisme, waarmee ondertussen geld werd opgehaald voor de natuur en de toerist zich iets bewuster werd van de noodzaak van natuurbehoud. Oude jachtgebieden werden in de jaren ’40 en ’50 omgetoverd tot natuurparken, bijvoorbeeld Amboseli National Park, en daar konden toeristen op stap met hun fotocamera in plaats van hun jachtgeweer. De nadruk lag zo sterk op natuurbehoud, dat de lokale bevolking op geen enkele manier meer van de natuur gebruik mocht maken. Dat er wel degelijk mensen in en rond die gebieden leefden, werd vaak over het hoofd gezien. Die lokale bevolking was afhankelijk van de natuur, die nu opeens bestempeld was als beschermd natuurgebied.’

© Grzegorz Lesniewski / Wild Wonders of Europe

Van natuurbehoud naar armoedebestrijding

De inzichten veranderden gelukkig en de laatste twintig jaar speelt de lokale bevolking ook een belangrijke rol. Ecotoerisme is nu niet alleen meer een manier om de natuur te behouden, maar ook om armoede te bestrijden. ‘En juist dat levert goede duurzaamheidsinitiatieven op’, gaat Van der Duim verder. ‘Wat je ziet is dat vandaag de dag veel verschillende partijen een rol kunnen spelen. Niet alleen de overheid , maar ook NGO’s, private investeerders, sponsoren en de lokale bevolking doen mee met ecotoerisme. Er zijn veel initiatieven die `bottom-up’ werken en dus uitgaan van de situatie van de lokale bevolking. Ontwikkelingsorganisaties en natuurbeschermingorganisaties kiezen steeds meer voor een zakelijke benadering, en bedrijven zien steeds meer hun sociale verantwoordelijkheden in.’

‘Er worden veel kleinschalige projecten opgestart, waarbij de lokale bevolking helpt bij het opzetten en uitvoeren van ecotoerisme. Zo zijn ze bijvoorbeeld gids bij rondleidingen voor toeristen door het gebied, en zijn ze specialisten bij gecontroleerde jacht. In ruil daarvoor krijgen ze een deel van de opbrengsten uit het toerisme. Daarnaast zie je dat veel wild niet binnen de grenzen van nationale parken blijft, maar van het ene gebied naar het andere trekt. In Kenia leeft zelfs 60% van het wild buiten natuurparken. Die parken mogen geen op zichzelf staande eilandjes worden. Tussenliggende stroken grond worden gekocht om als natural corridor te fungeren of er worden ecotoeristische projecten opgezet. De lokale bevolking krijgt een vergoeding om de voorbijtrekkende olifanten en leeuwen met rust te laten of vindt werkgelegenheid in het toerisme. En dat blijkt soms heel goed te werken.’

Een andere ‘vorm’ van ecotoerisme is te vinden in Costa Rica. Van der Duim: ‘De term ‘ecotoerisme’ heeft haar bestaan min of meer te danken aan het certificeringschema waar het land mee begon in de jaren ’80. Dat trok toen veel Amerikaanse toeristen. De tropische regenwouden danken hun bestaan nu aan ecotoerisme. Nationale parken heffen toegang voor bezoekers, en dat geld wordt gebruikt om de onderhoud en aangroei van nieuwe stukken bos mee te financieren. Op die manier wordt de schade door houtkap stukje bij beetje gerepareerd.’

Een van de nieuwste ecotoeristische initiatieven is ‘Rewilding Europe’, een project dat van verlaten stukken grond in Europa weer natuurgebieden wil maken die vooral plek bieden aan wild. Het doel is om in ieder geval een miljoen hectare land voor 2020 om te zetten in tien wildreservaten. Van der Duim lacht: ‘Rewilding Europe belooft de ‘Yellowstones van Europa’ te creëren. Ik ben heel benieuwd of dat gaat lukken!’

© Manuel Presti / Wild Wonders of Europe

Kritiek

Toch is er ook kritiek. Het meest gehoorde bezwaar tegen ecotoerisme is dat het een te rooskleurig beeld neerzet. Uiteindelijk is ecotoerisme nog steeds een vorm van toerisme, met de nodige milieuvervuiling als gevolg. Daarnaast wordt wederom een economische waarde toegekend aan de natuur – en dat is nu precies wat in de eerste plaats heeft geleid tot grootschalige schade aan de natuur. René van der Duim nuanceert dat idee: `Uiteraard is ecotoerisme niet zaligmakend. Ook de ecotoerist gaat vaak met het vliegtuig naar een exotische bestemming. Maar bij veel gebieden is ecotoerisme de enige optie om een bepaald gebied of bepaalde diersoorten te redden of de lokale bevolking in hun levensonderhoud te laten voorzien. Daarbij is het geven van een economische waarde aan de natuur in het voordeel van de natuur en de mensen die er wonen. Je moet altijd een afweging maken van de voor- en nadelen. In veel gevallen is ecotoerisme dan toch een gelegitimeerde manier om natuurbehoud te realiseren.’

Bronnen

Lees hier meer over Rewilding Europe.

Op de website van The International Ecotourism Society kan je meer lezen over ecotoerisme en verschillende initiatieven.

Dit artikel is ook geschreven aan de hand van: René van der Duim, Dorothea Meyer, Jarkko Saarinen en Katharina Zellmer (ed.). New Alliances for Tourism, Conservation and Development in Eastern and Southern Africa. Eburon, Delft (2011).

Advertisements